De Bucheliuspers

De Bucheliuspers De Bucheliuspers is de Utrechtse margedrukkerij van Arjaan van Nimwegen. Meer informatie op www.bucheliuspers.nl. Eickhoff te Kopenhagen.

Naam
De Bucheliuspers dankt zijn naam aan de Utrechtse jurist Arnoldus Buchelius (1565-1641), die als Advocaat van den Hove van Utrecht vele jaren lang een Journaal van de stad bijhield. Over zijn leven en vooral zijn religieuze gezwalk van Rooms via Remonstrants naar streng Calvinistisch, schreef Judith Pollman de studie Religious choice in the Dutch Republic: The reformation of Arnoldus Bucheliu

s (Manchester, 1999), vertaald als Een andere weg naar God: De reformatie van Arnoldus Buchelius (Amsterdam, 2000). Buchelius' relevantie voor de naar hem vernoemde pers ligt meer in het feit dat zijn imposante bibliotheek na zijn dood geveild werd (de gedrukte veilingcatalogus, een van de allereerste, is bewaard gebleven) en vooral dat dat gebeurde in zijn woonhuis aan de Oude Kamp, waar ook de Bucheliuspers haar bestaan begon. Drukpers
Na een dertienjarige ballingschap midden in het meest knusse rosse buurtje van de EU, keerde de Bucheliuspers in maart 2002 terug naar haar geboortehuis. Sinds 1989 beschikt zij over de Eickhoff proefpers type 1BS, nummer 11484, gewicht 420 kilo, vermoedelijk ergens in de jaren vijftig vervaardigd door J.G.A. De pers heeft een vaste cilinder en een bewegend fundament. Het drukformaat is 42½ bij 64 centimeter. Omdat het inktwerk (twee metalen en drie rubberen rollen) ontzet is, gebeurt het inkten met de hand, ofwel met een van de rollen van het inktwerk, ofwel, bij kleine drukvormen, met een handroller. Een vaste inkthoogte wordt bereikt door de rol over twee koperen lijnen te laten lopen. Overigens scheelt deze wat primitieve methode een hoop schoonmaakwerk: in plaats van vijf rollen hoeft er maar één gewassen te worden. Zetterij
In de drukkerij staan drie letterbokken, tot de nok gevuld met lood. Het lettermateriaal omvat de volgende typen:

Annonce, corps 28
Bembo, corps 14 en 18
Bembo cursief, corps 14 en 18
Cheops vet, corps 72
Carlton, corps 16
Egmont Open Kapitaal, corps 24, 36 en 48
Folio grotesk mager, corps 12
Garamont mager, corps 12
Hidalgo, corps 16, 20, 24en 28
Hollandsche Mediaeval cursief, corps 16
Hollandsche Mediaeval halfvet, corps 12, 16 en 20
Hollandsche Mediaeval smalvet, corps 20
Hollandsche Mediaeval mager, corps 16
Kaart antiek mager, corps 12 en 24
Kaart antiek vet, corps 12
Lutetia, corps 8, 10, 12, 14, 16, 20, 24, 36 en van corps 48 alleen de kapitalen
Mimosa, corps 4, 5, 6, 10
‘Roomse’ fantasiekapitalen (twee kleuren)
Nobel Open Kapitaal, corps 60
Romana, corps 28
Van Krimpen initialen, corps 24
Visite, corps 10
Onbekend smal cursiefje, corps 6
Onbekende gearceerde gothische letter, corps 12

Voorts:

Zeven kasten met diverse soorten houten biljetletters
Een kast met ijzeren boekbindersletters
Twee kasten met houten Amsterdamse School-ornamenten en randen
Een kast koperen lijnen
Een kast gegoten ornamenten
Ongeveer 100 zinken clichés van (zeer) uiteenlopende aard

EEN LUCHTIGER SÁNDORDenk vooral niet dat alle Hongaarse dichters tragische levens hebben geleid en gekweld werden door  ...
25/04/2026

EEN LUCHTIGER SÁNDOR

Denk vooral niet dat alle Hongaarse dichters tragische levens hebben geleid en gekweld werden door politieke, sociale of psychische ellende. Sándor Weöres (1913-1989) heeft weliswaar het grootste deel van zijn leven onder benauwende omstandigheden geleefd – een tijdlang is hem zelfs een publicatie verbod opgelegd – maar hij vertegenwoordigde wel degelijk ‘de vrolijkste barak van het Oostblok’. Hij hield van schoonheid, spel, vrouwen en drank. Politiek was niet zijn hartstocht, hij hield zich er vooral buiten, al heeft hij satirische verzen geschreven waarin kritiek op het collectivisme te horen is, zoals het populaire Majomország (Apenland):

...
Apenvorst op apenstokje
geeft een apendienstbevel:
één aap naar de apenhemel,
één aap naar de apenhel.
...

Hij is vooral geliefd door zijn kindergedichten. Zijn bundel 'Bobita' (1955) heeft in Hongarije de status van Annie Schmidts 'Fluitketeltje' bij ons. Veel ervan is op muziek gezet. Daarnaast had hij grote belangstelling voor oosterse filosofie, vertaalde hij de Tao Te Tjing even vlot als Eliots 'The Waste Land' en hield zich bezig met nonsenspoëzie.
Die veelzijdigheid, die luchtige speelsheid naast Boeddhistische diepzinnigheden, plus zijn genoegen in vorm, klank en kleur zijn terug te vinden in de reeks van 160 gedichten die hij uiteindelijk uitgaf onder de titel 'Rongyszőnyeg', voddentapijt of lappendeken. Kleuterversjes naast diepzinnige beschouwingen, pure klankgedichten naast tegeltjeswijsheden, soms niet meer dan probeerseltjes, alles onbekommerd naast elkaar.
Honderdzestig gedichten is veel, al zijn de meeste kort tot zeer kort, maar Orsolya Réthelyi en Arjaan van Nimwegen slaakten een weemoedige zucht toen het laatste gedicht vertaald was. Toen moesten we het maar uitgeven. 'Voddenkleed' heet het, en omslag en schutbladen tonen dat traditionele Hongaarse tapijtpatroon. Zesennegentig bladzijden met de hand inbinden is geen kleinigheid, en dus hebben we het maar bij dertig exemplaren gehouden.
Weöres’ vrolijke, soms absurdistische gedachten- en woordenspinsels weerspiegelen de levenslust en de nieuwe hoop van Hongarije, zeker op dit moment.

Sándor Weöres: Voddenkleed / Rongyszőnyeg / vertaald door Arjaan van Nimwegen en Orsolya Réthelyi, 2026, 30 exx., 96 pag., 20 ½ x 12 ½ cm, gebonden, € 35,-

Adres

Oudekamp 14
Utrecht

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer De Bucheliuspers nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Snelkoppelingen

Delen